Op de ochtend van de begrafenis van Neerlands enige blueslegende: 3 uur lang muziek, uitgezocht door zijn voormalige manager. Dus komt vrijwel het gehele werk van Cuby voorbij. Mooie aanleiding om een worst te maken ter nagedachtenis.
Cuby was een grof gehouwen figuur. Dat moest dus in de worst terug te vinden zijn. Dat was gemakkelijk te doen: ik draaide het vlees (varkensschouder, buikspek en zelf gepekeld en gerookt rugspek) door de grove plaat van de vleesmolen. Hij groeide op in Drente, dat voor een groot deel uit schrale zandgrond bestaat. De kruiderij voor de worst moest daar wat mee te maken hebben. Dat kwam uit, in de eigen tuin groeit rozemarijn, tijm en salie. Bij elkaar mooie smaken. Met wel een klein nadeel: van verse kruiden heb je véél nodig. Dat betekende dus flink hakken. Als verdere smaakmakers gingen erin: knoflook, verse gember, en vanwege de fantastische combinatie met varken venkel, cider en ciderazijn.
Bereidinssuggestie: pocheren in cider, daarna bakken.







